Londen, April 2026

10-04-2026

Over (of onder) het Kanaal

Het was al meer dan tien jaar geleden dat ik nog eens in de Britse hoofdstad had vertoefd. Toen had ik voor het eerst werken gezien van de schilder Joseph Mallord William TURNER (1775-1851). Sindsdien vond ik die op zich al een voldoende reden om London te bezoeken. Toen ik vernam dat in Tate Britain een tentoonstelling  werd gehouden waarbij Turner tegenover tijdsgenoot Constable werd gezet kon een nieuw bezoek aan London niet langer uitblijven.

De Eurostar reed ons onder het Kanaal door naar het Britse vasteland. De Kanaaltunnel zelf is zo'n vijftig kilometer lang, waarvan zelfs minder dan veertig daadwerkelijk onder de zeestraat liggen. Toch vreemd dat een wereldstad zo dichtbij toch ook zo veraf voelt. Eens uit St Pancras station restte ons nog een rit van vijftien minuten naar ons basiskamp voor de drie-daagse, een hotelletje in Soho.


Schoonheid & vakmanschap

London is uiteraard een paradijs voor kunstliefhebbers. Heel wat musea zijn er ook gratis en er is een overvloed aan kunst. Een voetnoot: Tijdelijke tentoonstellingen zoals de Turner & Constable zijn wel tegen betaling en je geraakt er meestal niet binnen zonder resevering. 

De Tate Britain was pas voor dag twee voorzien, maar met The National Gallery om de hoek hadden we meteen een eerste afspraak met een paar topwerken. Jan van Eycks 'Arnolfini portret' en Turners 'The Fighting Temeraire' zijn immers allebei in The National Gallery te zien.

Op dag twee bezochten we dus de Tate Britain. Voor mij kwam daar nog eens de bevestiging van het meesterschap van Turner. Zeker toen we daarna nog een paar andere musea bezochten stond het vakmanschap van Turner 'buiten categorie'. Zijn werken van een schoonheid en een diepte die je zeker eens in je leven 'moet' beleven.


Sartorial trips

Een paar sartoriale adresjes mochten op deze Londen trip uiteraard niet ontbreken. Buitengekomen uit The National Gallery stapten we door Soho richting Mayfair. Dat bracht ons naar Berwick Street en bespoke tailor Chris Kerr. Mijn Chris Kerr pak (gekocht bij Victory Vintage) zat in de bagage voor 's avonds.

In Mayfair moesten we door Savile Row natuurlijk. Een van de eerste mensen die we op de Row zagen was Ozwald Boateng. De gevierde bespoke tailor geboren uit Ghanese ouders flaneerde in een lang gewaad in zijn eigen kleurrijke stijl. Opmerkelijk en imposant.

Savile Row is (om het met een understatement te zeggen) niet meteen de mooiste of meest bruisende straat van London. Maar het lentezonnetje deed veel. Over het algemeen is het centrum van Londen trouwens heel netjes. Op veel plaatsen wordt er gewerkt, maar ook dat gebeurt met een hoge mate van orde en netheid. We stapten op de Row binnen bij Henry Poole, bij Dege & Skinner en bij Gieves & Hawkes. Die laatste hebben een 'ready to wear lijn, en lijken dus het meest op een 'normale kledingwinkel'. Bij de andere bespoke tailoring huizen gaat het er veel gereserveerder aan toe. Het leek er ook op dat het voor zij die instaan voor het onthaal soms lange dagen moeten zijn... Terug naar het hotel nog even stoppen bij Beau Brummell voor een sartoriaal obligate foto ;)

Trouwens, bij Henry Poole en Dege & Skinner kocht ik een... boek. Maar op dag twee, toen we de wijk Kensington bezochten glipte ik binnen bij Hornets, de vintage zaak die claimt "een instituut" genoemd te worden. Tussen rekken neuzen is niet meteen mijn grootste kwaliteit maar toen ik een groen fluwelen 'smoking jacket' zag die me paste, was die na kort gemarchandeer 'verkocht'!


The Smoking Jacket

Waarschijnlijk hebben jullie al door dat ik een zwak heb voor 'double breasted' jasjes. Daar sta ik niet alleen in, voor veel sartorialisten is het (durven) dragen van een 'double breasted' een opstap naar meer.

En veel verder dan een fluweel 'double breasted' shawl collar embroided smoking jacket kan je moeilijk gaan. Dit type jas (robe de chambre) heeft een duidelijke geschiedenis. Het werd gedragen toen 'gentlemen' na de maaltijd een sigaar gingen roken, en dit met het idee dat het fluweel de rookgeur van de sigaren zou opnemen. 

De originele smoking jacket werd gedragen als een beschermende laag in voornamelijk private ruimtes, meer een type kamerjas dus. De sjaalkraag, met zijde afgebiest, draagt bij aan de comfortabele look. Het borduurwerk maakt zowel connectie met oriëntaalse origine als met militaire pakken. 

Het jasje was in goede conditie. Gedragen, dat kon ik merken aan de onderarmen, maar afgezien daarvan zonder slijtage. Er zijn geen etiketten of andere herkenningstekens in het jasje te vinden. Mogelijk komt het oorspronkelijk van Ede & Ravenscroft. (Bloomsbury Green Velvet Jacket) Een weetje, Ede & Ravenscroft zijn de oudste tailors van Londen, gesticht in... 1689!

a Belgian Sartorialist in London

Share